Arbeidsmarkt Noord-Nederland bereikt kantelpunt: de grootste uitdaging moet nog komen
De arbeidsmarkt in Groningen, Drenthe en Friesland is krap. Dat is geen nieuws meer. Wat veel werkgevers zich nog onvoldoende realiseren, is dat de huidige situatie waarschijnlijk het meest gunstige scenario is voor de komende jaren. Nieuwe arbeidsmarktdata laten zien dat Noord-Nederland afstevent op een periode waarin minder mensen beschikbaar zijn voor werk terwijl de vraag naar arbeid hoog blijft. Voor HR-professionals verschuift de uitdaging daardoor van werven naar het toekomstbestendig organiseren van werk.
Noord-Nederland draait vrijwel op volle capaciteit
Noord-Nederland telt bijna 900.000 arbeidsplaatsen. Daarmee bevindt ongeveer negen procent van alle banen in Nederland zich in Groningen, Drenthe en Friesland. De regio onderscheidt zich door een relatief groot aandeel banen in zorg en welzijn, overheid, onderwijs, industrie en landbouw.
Tegelijkertijd bereikt de arbeidsmarkt steeds meer haar natuurlijke grenzen. De arbeidsparticipatie bevindt zich op een historisch hoog niveau van ruim 74 procent. Vrijwel iedereen die kan en wil werken doet inmiddels mee op de arbeidsmarkt. De werkloosheid blijft laag met ongeveer vier procent.
Dat betekent dat de ruimte om personeelstekorten op te lossen via extra arbeidsaanbod steeds kleiner wordt. De afgelopen jaren groeide het aantal werkenden nog licht, maar die groei vlakt inmiddels af.
Personeelstekorten blijven hardnekkig aanwezig
Ondanks economische onzekerheid blijft het tekort aan personeel voor veel organisaties de belangrijkste belemmering voor groei en continuïteit. Ruim een derde van de ondernemers in Noord-Nederland noemt personeelstekort als directe beperking van de bedrijfsvoering.
De druk verschilt sterk per sector. Vooral zorg- en welzijnsberoepen, ICT-functies en functies binnen overheid en veiligheid behoren tot de meest schaarse beroepsgroepen. Juist deze sectoren spelen een belangrijke rol in de regionale economie en maatschappelijke infrastructuur.
Hoewel de arbeidsmarkt de afgelopen periode iets minder gespannen oogt dan tijdens de piekjaren na corona, laat de geschiedenis zien dat dergelijke tijdelijke ontspanning weinig verandert aan de onderliggende trend. De structurele krapte blijft bestaan.
Het personeelstekort verplaatst zich naar binnen
Een opvallende ontwikkeling is dat arbeidsmarktkrapte steeds vaker zichtbaar wordt binnen organisaties zelf. Wanneer vacatures langdurig openstaan komt extra werk terecht bij bestaande medewerkers. Dat verhoogt de werkdruk en vergroot het risico op uitval.
Onderzoek laat zien dat werk gerelateerde mentale vermoeidheid al langere tijd toeneemt. Naast ziekteverzuim ontstaat ook een minder zichtbaar probleem. Medewerkers blijven aan het werk maar leveren door vermoeidheid of overbelasting minder productiviteit. In HR-kringen wordt dit soms aangeduid als 'roze verzuim'.
Voor werkgevers ontstaat daarmee een dubbele uitdaging. Niet alleen het aantrekken van nieuwe medewerkers wordt moeilijker, maar ook het gezond en productief houden van bestaande teams vraagt steeds meer aandacht.
Demografie wordt de bepalende factor
De belangrijkste conclusie uit de prognoses voor Noord-Nederland ligt niet bij de economie, maar bij de bevolkingsontwikkeling.
Waar de beroepsbevolking de afgelopen jaren nog groeide, wordt vanaf de tweede helft van dit decennium een structurele afname verwacht. Vooral Groningen, Drenthe en Friesland krijgen te maken met een krimpende groep inwoners in de werkzame leeftijd.
Van alle Nederlandse provincies behoren Drenthe, Groningen en Friesland tot de regio's waar de potentiële beroepsbevolking richting 2040 het sterkst afneemt. Tegelijkertijd groeit het aantal ouderen stevig door.
Deze combinatie van ontgroening en vergrijzing heeft gevolgen die verder reiken dan alleen recruitment. Minder jongeren stromen de arbeidsmarkt op terwijl meer werknemers te maken krijgen met mantelzorgverantwoordelijkheden. Bovendien neemt de vraag naar zorgpersoneel verder toe op een moment dat juist die sector al kampt met grote personeelstekorten.
Niet alleen minder mensen maar ook andere vaardigheden
Naast de demografische veranderingen verandert ook het werk zelf in hoog tempo. Digitalisering, kunstmatige intelligentie en de energietransitie zorgen ervoor dat functies inhoudelijk verschuiven.
Steeds meer routinematige werkzaamheden worden geautomatiseerd terwijl mensgerichte, analytische en creatieve vaardigheden belangrijker worden. Onderzoekers verwachten dat een aanzienlijk deel van de huidige vaardigheden richting 2030 verouderd raakt.
Daardoor ontstaat een nieuwe uitdaging. Werkgevers krijgen niet alleen te maken met minder beschikbare kandidaten maar ook met een groeiende mismatch tussen beschikbare vaardigheden en de kennis die organisaties nodig hebben.
Voor HR betekent dit dat leren, ontwikkelen en interne mobiliteit een steeds grotere rol krijgen binnen de personeelsstrategie.
Van vacatures invullen naar arbeidsmarktaanwezigheid
De ontwikkelingen in Noord-Nederland laten zien dat arbeidsmarktkrapte niet langer een tijdelijk verschijnsel is. Het gaat om een structurele verandering waarbij werkgevers steeds vaker concurreren om een beperkte groep beschikbare professionals.
Daardoor verschuift de aandacht van incidentele werving naar langdurige arbeidsmarktaanwezigheid. Kandidaten oriënteren zich vaker en eerder op potentiële werkgevers. Organisaties die herkenbaar zijn in de regio bouwen daardoor een voordeel op ten opzichte van werkgevers die alleen zichtbaar zijn wanneer een vacature ontstaat.
Voor HR-professionals ligt de uitdaging de komende jaren niet alleen in het invullen van vacatures. De vraag wordt vooral hoe organisaties aantrekkelijk, productief en toekomstbestendig blijven in een arbeidsmarkt waarin personeel structureel schaars is.
De cijfers voor Groningen, Drenthe en Friesland maken één ding duidelijk: de huidige krapte is niet het probleem van morgen. Het is het begin ervan. Zoek jij als HR-professional nog een sparringspartner? Neem dan vrijblijvend contact met ons op!