De WW daalt in het Noorden, maar je vacatures blijven openstaan
In Groningen, Friesland en Drenthe daalde het aantal WW-uitkeringen in mei 2026 met vier tot vijf procent, vooral door seizoenswerk in de bouw. Toch blijft de arbeidsmarkt volgens de Spanningsindicator van UWV in 87 van de 93 beroepsgroepen krap of zeer krap. Dat lijkt tegenstrijdig, maar is het niet. In Friesland is het patroon zelfs nog scherper: daar stijgt het aantal WW'ers uit de industrie, terwijl techniekvacatures gewoon openstaan. De verklaring zit niet in te weinig werkzoekenden, maar in een mismatch tussen wat zij kunnen en wat jij nodig hebt.
De cijfers per provincie
Eind mei ontvingen ruim 5.900 inwoners van Groningen een WW-uitkering, een daling van 4,1 procent ten opzichte van april. In Friesland ging het om ruim 6.900 uitkeringen, een daling van 4,6 procent, terwijl het in Drenthe om bijna 5.000 uitkeringen ging, een daling van 4,3 procent. In alle drie de provincies kwam de grootste afname vanuit de uitzendbureaus, vooral onder bouwvakkers, in mindere mate ook vanuit horeca, landbouw en groenvoorziening. Dat is typisch voorjaarspatroon: seizoenswerk trekt aan en de cijfers dalen.
Die daling zegt echter weinig over hoe makkelijk je als werkgever aan personeel komt. UWV berekent de spanning op de arbeidsmarkt door het aantal openstaande vacatures te delen door het aantal mensen dat korter dan zes maanden een WW-uitkering ontvangt, de groep die het snelst inzetbaar is. Op die maatstaf blijft de arbeidsmarkt landelijk in 87 van de 93 beroepsgroepen krap of zeer krap, met de grootste tekorten in techniek en in zorg en welzijn. Denk aan elektrotechnisch ingenieurs, machinemonteurs, loodgieters, gespecialiseerd verpleegkundigen en verzorgenden.
Friesland laat zien waar het probleem echt zit
Wat er in Friesland gebeurt, maakt de kern van het probleem concreet. Terwijl de WW er in het voorjaar daalde door seizoenswerk, telde de provincie eerder dit jaar ruim duizend mensen met een WW-uitkering die voorheen in de industrie werkten, ruim vierhonderd meer dan in 2023. Vooral 55-plussers vormen daarbinnen een grote groep. Hoge energieprijzen en netcongestie zetten de sector onder druk, met meer ontslagmeldingen tot gevolg.
Tegelijkertijd blijft de vraag naar technisch personeel in Friesland onverminderd hoog. Werkgevers zoeken vooral mensen voor functies met middelmatig complexe taken, zoals monteurs, operators en machinebedieners, daarnaast ook voor specialistische functies als werktuigbouwkundig engineers en kwaliteitsmanagers. Het probleem is dat het aanbod van werkzoekenden daar niet op aansluit. Veel WW'ers uit de industrie hebben ervaring met eenvoudige, routinematige taken. Bijna acht procent staat ingeschreven als productiemedewerker en functies als magazijnmedewerker en orderpicker komen ook relatief vaak voor. Die mismatch houdt vacatures langer open dan nodig, niet een tekort aan mensen.
Wat dit voor je wervingsstrategie betekent
De praktische conclusie is dat harder werven op dezelfde manier weinig oplevert als het probleem in de aansluiting zit. Kijk daarom eerst kritisch naar je vacature zelf. Vraagt de functie werkelijk het volledige profiel van een gespecialiseerd engineer of zijn er taken die iemand met minder ervaring al kan oppakken terwijl hij het specialistische deel erbij leert? Het opsplitsen van een functie in een instapdeel en een doorgroeideel vergroot je kandidatenpool aanzienlijk, zonder dat je inlevert op kwaliteit op de lange termijn.
Kijk daarnaast gericht naar mensen met aanpalende ervaring. Iemand die jarenlang op een productielijn heeft gewerkt, mist misschien het diploma van een monteur, maar heeft vaak al gevoel voor machines, veiligheid en procesmatig werken. Met een gerichte, korte om- of bijscholing overbrug je precies het gat dat nu vacatures openhoudt. Dat is voor 55-plussers uit de industrie een kansrijke route en voor jou een manier om te werven in een groep die door de gewone kanalen vaak over het hoofd wordt gezien.
Ten slotte helpt het om reëel te zijn over wat automatisering wel en niet oplost. Voor beroepen waarin fysieke aanwezigheid essentieel is, zoals een monteur op locatie of een verzorgende aan het bed, verandert AI het werk niet fundamenteel. Waar AI wel ruimte kan scheppen, is in het administratieve en plannende werk eromheen, zodat je schaarse vakmensen zich op het vakwerk zelf kunnen richten in plaats van op rapportages en planning.
Samenvattend
De dalende WW-cijfers in Groningen, Friesland en Drenthe zijn goed nieuws voor de regionale economie, maar lossen je wervingsprobleem niet vanzelf op. Zolang 87 van de 93 beroepsgroepen krap blijft, ligt de winst niet in harder zoeken naar dezelfde kandidaat, maar in het overbruggen van de mismatch tussen wat werkzoekenden kunnen en wat je vacature vraagt. Vooral in de techniek, waar Friesland het duidelijkst laat zien hoe die mismatch werkt, is dat de meest kansrijke route naar een gevulde vacature.